Fiscotip 7: Bedrijfswagens: hoeveel btw mag ik aftrekken?

Zoals bekend moet de btw-aftrek over bedrijfsmiddelen die ook privé worden gebruikt sinds 2013 verplicht worden beperkt tot het beroepsgebruik.

Voor de berekening van dit beroepsgebruik reikt de fiscus enkele praktische berekeningsmethoden aan, en dit voor zowel personenwagens als (fiscale) lichte vrachtwagens.

Voor personenwagens kan nog steeds worden gekozen tussen 3 methodes, waaronder een forfait van 35%.

Nieuw: voor de toepassing van het forfait van 35% hoef je niet meer over minstens vier personenwagens te beschikken. Ook wanneer je minder dan vier wagens bezit mag je het forfait van 35% dus toepassen.

Btw-plichtigen die een (fiscale) lichte vrachtwagen privé gebruiken zijn niet langer verplicht een rittenadministratie te voeren. Zij kunnen kiezen voor een forfait dat 85% of 35% bedraagt naargelang het beroepsgebruik al dan niet overwegend is.

In totaal zijn er nu 4 berekeningsmethodes, die schematisch als volgt kunnen worden voorgesteld:

Screenshot_2

TIP: woon-werkverkeer

Het woon-werkverkeer wordt door de fiscus beschouwd als privégebruik van een voertuig.

De fiscus heeft echter beslist dat onder woon-werkverkeer het traject verstaan moet worden dat afgelegd wordt tussen de woonplaats en de maatschappelijke zetel van de btw-plichtige of een inrichting (filiaal). Een werf, het adres van een klant of leverancier wordt dus niet aangemerkt als plaats van tewerkstelling.

Wanneer de maatschappelijke zetel gevestigd is op hetzelfde adres als de woonplaats, is het woon-werkverkeer dus in principe nul.

JP-LJean-Paul Libert
Jurist

Van Havermaet Groenweghe – Frame 21 Herentals

jean-paul.libert@vhg.be

tel. +32 (0)11 30 13 50