Fiscotip 14: Financiële beleggingen in de vennootschap fiscaal interessant?

U staat ongetwijfeld niet te wachten op het rendement dat vandaag wordt aangeboden op de traditionele spaarboekjes. Ook vennootschappen zoeken meer dan ooit naar alternatieve beleggingsvormen om eventuele cash overschotten te laten renderen. Het financieel rendement van sommige beleggingsproducten wordt vaak rooskleurig voorgesteld door de huisbankier. Er wordt echter niet altijd stilgestaan bij de fiscale gevolgen van de beleggingspolitiek van de vennootschap. Deze zal vaak bepalen in welke mate het voorgestelde rendement fiscaal afbrokkelt, dan wel verder kan worden geoptimaliseerd. Enkele voorbeelden.

Meerwaarden op aandelen steeds belastingvrij?

Meerwaarden op portefeuille aandelen zijn in beginsel vrijgesteld in de vennootschapsbelasting. Omgekeerd zijn voorlopige waardeverminderingen en definitieve minderwaarden op aandelen nooit aftrekbaar.

Korte termijn meerwaarden op aandelen die worden verkocht binnen het jaar na aankoop worden sinds kort alsnog belast aan 25 procent. U doet er dus goed aan de aandelen bij voorkeur minstens 1 jaar aan te houden.

Bij een gedeeltelijke verkoop van eenzelfde aandelenpakket, wordt bij voorkeur de nodige aandacht besteed aan de opvolging van de verhandelde aandelen. Voor zover de Belgische belastingdienst zou kunnen argumenteren dat de meest recent aangekochte aandelen als eerste werden verkocht binnen een 1 jaar periode, verliest u mogelijks 25 procent van de meerwaarde.

‘Grote’ vennootschappen die deze minimum houdperiode van 1 jaar respecteren, worden toch geconfronteerd met een (weliswaar beperkte) belastingheffing van 0,4%. Deze belasting vormt bovendien steeds de minimum belastbare winstbasis in verliespositie. Gelukkig gelden deze regels niet voor KMO’s.

Voorlopige waardeverminderingen op obligaties niet aftrekbaar?

Meerwaarden bij de verkoop van obligaties zijn belastbaar aan het normaal tarief. Omgekeerd zijn definitieve minderwaarden steeds aftrekbaar.

De Belgische belastingdienst is vaak van mening dat (voorlopige) waardeverminderingen die per jaareinde worden geboekt op obligatieportefeuilles dienen belast te worden. Zij verwijst hierbij geregeld naar welbepaalde rechtspraak. U hoeft zich hier niet bij neer te leggen. Ook de fiscus heeft het (uiteraard) wel eens bij het verkeerde eind.

Belangrijke fiscale adder onder het gras!

Al te vaak wordt geen rekening gehouden met de negatieve impact van bepaalde beleggingsvormen op het voordeel van de notionele interestaftrek. Het gaat meer bepaald om beleggingsfondsen die niet voorzien in een periodieke uitkering van hun inkomsten (zogenaamde ‘kapitalisatiefondsen’). De boekwaarde van dergelijke fondsen dient in principe in mindering gebracht te worden van de eigen vermogensbasis.

Op het moment van een boekenonderzoek, tracht de fiscus het fonds te kwalificeren als een ‘kapitalisatiefonds’ om het voordeel van de notionele interestaftrek (gedeeltelijk) te weigeren.

Vaak zijn er argumenten voorhanden om te verdedigen dat de correctie niet hoeft plaats vinden voor dergelijke fondsen. Hiertoe dient de beleggingspolitiek van het fonds en de beleggingsactiviteit van de vennootschap steeds in detail te worden nagezien.

Voorheffing steeds recupereerbaar?

Periodieke opbrengsten van portefeuille beleggingen (interesten, dividenden, etc.) zijn belastbaar aan het normale 33,99% tarief. Op het moment van de uitbetaling van de inkomsten, houdt de financiële instelling in principe een roerende voorheffing van 25% in. Dit voorschot is steeds verrekenbaar met de verschuldigde vennootschapsbelasting en zelfs terugbetaalbaar (bij gebrek aan verschuldigde belasting).

Voor buitenlandse dividenden is de lokale bronheffing evenwel niet verrekenbaar. Indien de vennootschap geen Belgische vennootschapsbelasting verschuldigd is, zal de buitenlandse bronheffing op interesten en dividenden bovendien nooit terugbetaaldworden.

Fiscotip

Een actief beleggingsbeleid vergt heel wat administratieve opvolging, mede door de vrij ingewikkelde fiscaliteit. Elke verrichting dient bovendien correct te worden geboekt. Het rendement van een beleggingsportefeuille wordt niet enkel bepaald door het financieel plaatje. De samenstelling van een portefeuille wordt bij voorkeur ook met een fiscaal vergrootglas bekeken, om enkele onverwachte nadelige fiscale gevolgen te vermijden, en waar mogelijk verder te optimaliseren.

Jonas Derycke_gray

 

Jonas Derycke

jonas.derycke@vhg.be

Frame 21, Herentals

Van Havermaet Groenweghe